|
 TRANKIEL GRONINGEN-JAPAN
|
 |
POST UIT SAKAWA
APRIL 2009 |
Als voormalig inwoner van Zuid-Groningen is het mij waarlijk een genoegen
om gevolg te kunnen geven aan de uitnodiging van Trankiel om vanuit onze
nieuwe woonplaats Sakawa, gelegen op het idyllische Shikoku, voor de site
te schrijven.Om als chroniqueur maandelijks kond te doen van mijn impressies
en ervaringen hier in den vreemde.
Een serie zou op den duur op een dagboek kunnen gelijken; dat misstaat
berichtgeving uit Japan geenszins, omdat het genre 'dagboek' een van de
oudste Japanse literaire vormen is.
Japanners, uitgezonderd de enkeling, weten niet waar Sakawa ligt. Ik ervaar
dat als een voorrecht, een pre, dat nog lang mag voortduren als ik het
voor 't zeggen heb.
 |
| © Yasufumi Nishi / © JNTO |
|
10 April. De kou is uit de lucht
Gisteren op het terras, waar ik een middagdutje deed, was de zon reeds bijna te krachtig om nog echt van te kunnen genieten. En dus heeft Fumika ook de raampjes van de toiletten opengedraaid en de vloerverwarming uitgezet. Haar initiatief. Wanneer zij dat voorstelt, dan is de kou echt verleden tijd.
Wij hebben ons eigen 'plaag en correctie woordspelletje'. Wanneer de temperatuur
laag is, roept ze snel: brrr...het is koud. Prompt kom ik dan met mijn reactie: een beetje fris is heerlijk. Ik loop dan ook stelselmatig met in haar ogen veel te luchtige kleding
rond.
Wanneer 't regent komt Fumika met paraplu's aanzetten en weiger ik de mijne
steevast met: het zijn maar een paar druppels.
Haar dramatisering is de beschrijving van een oprecht gevoelde realiteit. Mijn understatements hebben twee lagen, enerzijds zijn het plaagstootjes, anderzijds tonen ze ook de cultuur waarin ik gepokt en gemazeld ben.
We wonen hier nu 1 jaar
Jaren ervoor kon ik zwaar verwaarloosde, terrasvormige voormalige rijstvelden
kopen, een stuk of 10, tezamen 1.000 tsubo , of wel 3.300 m2. De prijs was, althans in mijn ogen, laag.
Gedurende het grootste deel van het jaar was het een bedroevend natte bedoening.
Werkelijk zeiknat was 't. Water van de 'bovenburen', de hoger gelegen rijstvelden
ten zuiden van ons, stroomde aan-houdend het eigen terrein op. Een recht,
zal ik maar zeggen. Op het zuidwestelijk gelegen hoogste punt van ons terrein,
kwam het meeste water binnen. Na simpel denkwerk besloten we exact op die
plek een grote vijver met 2 overlopen te bouwen als opvang voor al het
water. De overlopen werden ondergronds verbonden met een grote pijp, die
naar het beekje aan de andere kant, dat onze oostgrens is, voert. Deze
hoofdpijp heeft een bypass naar een lange vijver, die voor de ramen van
onze woon-kamer loopt. Altijd stromend water met het adagium: van de nood
een deugd maken. Vissen voelen zich goed in beide vijvers, afgemeten aan
hun overvloedige nazaten. Wij zijn trots op ons 'water-management'.
We kozen een architect, Uchino-san, uit een andere provincie, Tukushima. Hij kreeg onze briefing met onder andere maten van kamers, de eis van
fikse isolatie rondom, een ferme constructie en nog zo wat. We gaven hem
waar nodig ongezouten commentaar en zwaaiden hem lof toe wanneer er aanleiding
toe was. Alles recht voor z'n raap, deels een schokkende ervaring voor
hem. Al voordat we begonnen definieerde ik onze relatie met sparringpartners.
Gelukkig voor ons is hij geduldig en een wa-type. Onze bemoeienissen wierpen vrucht af; negen maanden na oplevering werd
ons huis al eervol met de eerste prijs van de 29ste INAX DESIGN CONTEST
2008 bekroond als beste ontwerp voor een particuliere woning. [er waren
571 concurrerende inzendingen...] Om het project een zekere chic te geven,
veronderstel ik, wilde Uchino-san de titel residence gebruiken. Wij beiden reageerden als door een adder gebeten: zulk een
kitsch was onaanvaardbaar! Als alternatief improviseerde ik Landhuis in Sakawa. Dat is sindsdien zo gebleven en inmiddels uitgegroeid tot een ijzeren
titel, die bijvoorbeeld al vele maanden bovenaan Google prijkt.
Onbedoeld werd hiermede ook Sakawa enigszins op de kaart gezet.
 |
| © Tokushima Prefecture / © JNTO |
|
Wat doe je als je acht of meer kinderen hebt?
Wel, dan noem je de eerste Ichiro. Simple comme bonjour: ichi betekent 1. Een van de fameuze Japan-se baseballspelers, die gevierd worden
in de Verenigde Staten, heeft deze voornaam.
Numero acht noem je dus: Hachiro. Jawel: hachi betekent 8.
Enfin, Hachiro-san en zijn geestige echtgenote hadden een aanleiding gevonden
een feestje te bouw-en. Hij had eigenhandig een terras gebouwd op een steile
helling in hun terrein. De locatie is oog-verblindend: de Stille Oceaan
ligt aan hun voeten, de kustlijn is een heerlijkheid, de begroeiing rond-om
is puur natuur. In de verste verte is er geen teken van leven; slechts
de golfslag en het geluid van de wind door de bomen.
Geen teken van leven is ook weer niet waar, want soms komt een everzwijn,
een inosishi, met de hele familie, 'langs'.
Een andere keer, zo vertelde ons bevriende paar uitgelaten, was Hachiro-san
buiten aan het werk. Geen mens te bekennen, zei ik al. Hoort hij luid en
duidelijk: Konnichiwa! Om zich heen kijkend ziet hij niemand. En weer, nog dichterbij: konnichiwa !!! [goeiedag]. Niemand te zien. En weer. En weer. Afgaand op het geluid ditmaal,
kijkt hij naar boven en ziet een sportief manmens aan een hangglider boven
hem cirkelen, ook genietend van het onvergetelijke kustgebied.
Op het partijtje ter inwijding van het nog maagdelijk terras ontmoetten
we een eigenaar van een citrusvruchtenboomgaard. Bij de Pacific doet de
citrusvrucht het goed. Het klimaat is er mild, milder dan in Sakawa dat
weliswaar niet ver van de kust afligt, maar wel ietsje hoger. Hoe een onderwerp
ter sprake komt, valt niet altijd goed na te gaan. Hij had in ieder geval
3 citroenbomen 'over'. Dat gaf mij terstond een gevoel van euforie.
Daar hebben wij plaats voor. Fumika probeerde nog te dimmen en beleefdheidshalve ons te beperken tot 1 boom, maar ik was niet meer te houden.
 |
| Tosa Buntan - Courtesy Yosakoi net |
|
Weken later bezochten wij deze familie, die een waar citrus-'imperium'
runt met onder andere bomen, die behalve citroenen ook buntan en konatsu produceren.
Talloze prachtig onderhouden hellingen met volle zon op het zuiden vormen
hier nog een ander landschapsjuweeltje dat ook nog eens garant staat voor
een prachtig uitzicht. Een universum op zichzelf.
Enkele weken geleden was het dan zover. Met de plaatselijke man, die ons al verschillende bomen heeft verkocht, hadden we een afspraak, dat hij 2 mensen en een vrachtwagen zou uitlenen om de drie citroenbomen uit te graven, in te pakken, op de vrachtwagen te laden en vervolgens weer in te graven op ons terrein. Ze staan nu bij ons en maken ons gelukkig. Op de grond rondom de citroenbomen, zo vertelde onze gulle gever, strooit hij zout, om de citroenen een specifieke smaak te geven. Zover willen wij niet gaan.
Huibert Paul
Huibert Paul, oorspronkelijk Nederlander, voormalig bibliothecaris, aardige
man en nu 81 jaren wijs, woont in de Verenigde Staten. Rond het begin van
de negentiger jaren zocht ik contact met hem. Stuurde een brief met alleen
zijn naam en de staat waarin hij woont. En ...die kwam aan!
De goede man heeft als niet-academicus een fantastisch boek geschreven,
dat bijzonder vaak in aca-demisch werk wordt aangehaald. Nederlanders in Japan; 1600 –1854. De inhoud bestrijkt een grote periode van de Nederlanders in Japan en
is zeer toegankelijk geschreven. Het werd uitgegeven in 1984 en is niet
meer verkrijgbaar. Ik bekende mijn passie voor het boek en betoonde mijn
spijt, dat het niet meer verkrijgbaar is. Overmoedig bood ik aan het boek
te trachten her uit te geven. Overmoedig zei ik al, want ik had grootse
visioenen van herdrukken in het Engels [op z'n minst], het Nederlands en
'zeker' ook in het Japans. Ik vond uitgeverij de Bataafsche Leeuw in Amsterdam
bereid een uitgave te verzorgen met zelfs meer afbeeldingen. Jarenlang
ben ik aan 't lijntje gehouden. Helaas gebeurde er helemaal niets.
Enkele maanden geleden wilde ik mijn slechte geweten een grondige wasbeurt geven en ik zocht na lange radiostilte weer contact met mijnheer Paul. Gelukkig reageerde hij niet rancuneus.
In Kochi stad geeft sinds een jaar een nog jonge Belg, Vlaming, les in Japanse geschiedenis en cultuur aan de vrouwenuniversiteit aldaar. Hij spreekt, schrijft en leest Japans. Hem wil ik vragen de tekst in het Japans te vertalen en vervolgens trachten het te publiceren, mogelijk eerst via een serie in een krant of een tijdschrift. Het herverschijnen van Pauls boek zou niet alleen de auteur, maar mij ook intens gelukkig maken.
 |
 |
|
Mooi Kochi / © JNTO |
>> naar overzicht artikelen door Dolf van Graas

© 2009 Trankiel
|
|
|
|